Argentinië

 

Patagonië,

die stilte kruipt in je ziel,

dat vervaagt niet.

We zitten in ons vaste lunchcafé en mijn Engelse vriendin vraagt met haar lichte en charmante accent: ‘hoe was het nou echt in Argentinië?’

We trokken daar een maand lang rond met vrienden die er wonen.Hoe was het nou echt, herhaal ik voor mezelf? Er is altijd zoveel meer wat je meebrengt van een reis dan foto’s en de verhalen. Er is een innerlijke ruimte waar zoveel wordt opgeslagen dat enkel voor eigen bewoning is of voor vriendschappen waarin verhalen worden begrepen zoals ze bedoeld zijn. Patagonië vertel ik haar, dat was een plek waar ik nog steeds niet helemaal van terug ben. De eindeloze eindeloosheid waarbij zelfs de innerlijke dialoog verstomt. Is het een mooi landschap?  Allemaal stekels van een soort grauw grijs op een eindeloze vlakte. Nu pas heb ik het boek ontdekt van |William Henry Hudson: doelloze dagen in Patagonië. Hij schreef dat in 1893. Hij verwoord waar ik naar zocht. ‘Er zijn landschappen op de wereld die een absoluut prachtig plaatje maken, maar vreemd genoeg vervagen die na verloop van tijd. Patagonië kruipt in je ziel. Die stilte vind je bijna nergens op de wereld meer. Dat beeld vervaagt niet’.

Later in El Bolson maakten we kennis met een vriendin van Alejandra – onze gastvrouw. Zij woonde in een wel zeer simpel huisje in de bergen. Er was geen stoel om op te zitten, wel een paar goor witte plastic krukken. Om toch enig geld te verdienen is ze oesterzwammen gaan kweken. Ze plukte er voor onze maaltijd en al snijdend zei ze: ‘ik heb mijn goede mes uitgeleend aan een vriend’.

De takken van haar appelbomen waren zwaar van de heerlijke eetbare appels. Maar daarmee was geen geld te verdienen, want die groeiden overal en in het wild. Ze nam ons mee naar buiten. Het kleine twee kamerhuisje zag er aan de buitenzijde nog armoediger uit met ongeverfde planken en een scheve regenpijp die geen dienst deed. Maar de omgeving en het uitzicht was schitterend. De bergen aan de overzijde van de vallei waren adembenemend mooi.

Ze wees ons tot waar de steile berg van haar was. Haar land, uitgestrekt en vruchtbaar. Toch had ze, zo ver van de dorpskern en de echt bewoonde wereld zelfs  electra en stromend water.

Was ze arm of rijk. Ik wist het niet.

Terug in Nederland moest ik vreselijk wennen en ging niet zomaar weer over tot de orde van de dag. Waaraan moest ik dan zo  wennen? Ik bleef ernaar zoeken en wist het niet. Er zijn zoveel meer vragen dan antwoorden. Het voelde alsof ik een te krap jasje aanhad, niet voluit kon ademhalen. Niet mijn echte vrienden hadden snelle oordelen. Maar om me heen, oppervlakkige kennissen wisten met de snelheid van het licht antwoorden op dingen waar ze niets van wisten, geen ervaring mee hadden. Het was te klein te schraal. En uitgaande van veronderstellingen. Argentinië was zo boven het oordeel, omdat het niet viel in door mij te herkennen categorie.

Michel de Montaigne liet in 1572 een penning slaan met daarin de woorden: ik onthoud mij van oordeel. Een vriendin filosoof zegt fel: ‘dat kan niet’. We hebben een oordeel nodig, zonder oordeel kun je niet leven.Vooroordelen? Misschien bedoelde hij vooroordelen? Ze knikt en dat krijgt haar fiat.